Initiatiefklassen

De initiatiefklassen bieden in leerjaar 1 en 2 afgestemd onderwijs in een passende pedagogische leeromgeving aan leerlingen met specifieke ondersteuningsvragen en een mavo en/of havo schooladvies. Deze leerlingen hebben het perspectief om uiterlijk in het derde leerjaar regulier voortgezet onderwijs te gaan volgen.


Instroom

De leerlingen zijn afkomstig uit het basis-, speciaal basis- en speciaal onderwijs. Via de oranje route stromen de leerlingen in. Nadere informatie over de oranje route is hier in te zien.

Het instroomtijdpad van de oranje route ziet er in het algemeen als volgt uit:

  • Eind groep 7:
    Basisschool informeert ouders over oranje route en zorgt voor ondertekende toestemmingsverklaring.
  • Voor 1 oktober:
    Basisschool meldt oranje route leerlingen bij het VO samenwerkingsverband Weert, Nederweert en Cranendonck en geeft aan als er een gesprek met meer scholen nodig is.
  • In oktober:
    Informatieavond ouders oranje route leerlingen.
  • November/februari:
    Oriënterend gesprek bij VO-school of gesprek met meerdere V(S)O scholen. Basisschool bespreekt het digitale onderwijskundig rapport (OKR) met ouders. VO-school geeft bericht over plaatsing.
  • Maart:
    Aanmeldavonden VO.
  • Juni:
    Indien aangemeld bij initiatiefklas; kennismakingsavond.

 
Klassenomvang en lokalen

In een initiatiefklas zitten normaal gesproken rond de 15 leerlingen. De leerlingen krijgen zoveel mogelijk les in hun eigen 'stamlokaal'. Daardoor wordt het aantal verplaatsingen tijdens een schooldag beperkt.


Lesrooster en pauzes

Elke dag heeft zes lesuren. Op dinsdag is er in verband met de teamvergaderingen het eerste uur geen les en is er een zevende lesuur.

De leerlingen van de initiatiefklas hebben dezelfde les- en pauzetijden als de andere leerlingen uit de onderbouw. Normaal gesproken gaan de leerlingen naar de algemene ruimtes waar ook de andere leerlingen zijn. Indien gewenst kunnen leerlingen dichtbij of in het stamlokaal pauzeren. Dat kan echter alleen als de mentor het, in samenspraak met leerling en ouder(s)/verzorger(s), in het belang van de betreffende leerling vindt.

pvh-1.jpg


De lessen en docenten

De leerlingen krijgen in principe dezelfde lessen en vakken als de andere eerste- en tweedejaars leerlingen van de mavo en havo. De leerlingen krijgen les van vakdocenten die het onderwijs op de leerlingen afstemmen. Het onderwijs is meer gepersonaliseerd. In de lessen combineren ze boeken met een digitale leeromgeving. De boeken worden via school geregeld. De laptops zijn op school aanwezig.

De docenten gaan uit van de (on)mogelijkheden van de leerlingen.  We willen de leerlingen zoveel mogelijk eigenaar van zijn/haar ontwikkelproces zijn. De leerlingen werken aan hun eigen leerdoelen.

De leerlingen krijgen huiswerk en toetsen. In leerjaar 1 kan dat in verband met de tijd die nodig is voor de gewenning en de afstemming van de programma’s afwijken van de andere brugklassen. Het (leren) maken van huiswerk is een expliciet aandachtspunt binnen de PLT lessen. De initiatiefklas leerjaar 2 loopt zo veel mogelijk parallel met de andere tweedejaars klassen. Het een en ander staat beschreven in het PTO (programma van toetsen onderbouw).

De resultaten en opmerkingen over leerlingen zijn door de leerlingen en ouders te lezen in Somtoday.


De mentor

Enkele vakdocenten zijn tevens mentor. De mentor is voor de leerling en de ouder/verzorger heel belangrijk. Hij of zij is de spil in de ondersteuning en begeleiding van de leerlingen en ook in de communicatie met en over de leerling. De mentor voert de (coach)gesprekken met leerlingen. Daarin staan de eigen leerdoelen en het eigen leerplan centraal. De mentor onderhoudt nauw contact met de ouder(s)/verzorgers. Belangrijk daarbij is de goede kwaliteit van de onderlinge relatie.

De mentor vult de PLT-uren (persoonlijke leertijd) in. Leerjaar 1 heeft vijf en leerjaar 2 heeft vier PLT-uren die normaliter het eerste lesuur van de schooldag gepland staan. In de PLT-uren wordt de dagstart gemaakt. Verder wordt er gewerkt aan de groepsvorming, sociale vaardigheden, schoolse- en huiswerkvaardigheden. Belangrijk is ook het werken aan de eigen leerdoelen.


Samenstelling van het team

Ons onderwijs aan de initiatiefklas vraagt van de docenten onder andere om kwalitatief hoogstaand onderwijs te bieden. De begeleiding en ondersteuning door docenten en mentoren stelt hoge eisen aan de kwaliteit van de communicatie en kennis van specifieke ondersteuningsvragen. Het vraagt ook om kennis en inzicht in de zorgstructuur en contacten met zorgaanbieders.

Daarom is er voor gekozen dat er binnen het team van de initiatiefklassen de hele week collega’s vanuit het voortgezet speciaal onderwijs op de Philips van Horne aan het werk zijn. Ze vervullen de functie van interne begeleider en coördinator initiatiefklassen. Deze collega’s zijn gedetacheerd vanuit VSO de Widdonck te Weert. Enkele voorbeelden van wat ze doen:

  • Alle initiatiefklas collega’s on the job ondersteunen en coachen.
  • Zorgen voor de ondersteuning van leerlingen als deze bijvoorbeeld kiezen voor een time-out.
  • Aansluiten bij coach- en of oudergesprekken.
  • Contacten onderhouden contacten met instellingen en organisaties die voor onze leerlingen en ouder(s)/verzorger(s) van belang zijn.
  • Mede organiseren en invulling geven aan de leerlingbesprekingen.

Het initiatiefklas team heeft een eigen teamleider die deel uitmaakt van het managementteam van de Philips van Horne. Hij heeft de zorg voor het team, draagt zorg voor de voorwaarden en middelen en bewaakt de kwaliteit van het onderwijs. Hij draagt het gedachtengoed van de initiatiefklassen uit en vertegenwoordigt deze waar nodig en gewenst. In schooljaar 2019-2020 is dat dhr. Van Grootel.  


Samenwerking docenten, leerlingen en ouder(s)/ verzorgers

Het team van de initiatiefklassen hecht een zeer groot belang aan de samenwerking tussen docenten, leerlingen en ouders. Met de leerlingen wordt expliciet over het eigenaarschap en de verantwoordelijkheid  voor de eigen ontwikkeling gesproken. Natuurlijk kan de leerling dat niet alleen. Daarvoor heeft hij op school de docenten/mentor en thuis de ouder(s)/verzorgers nodig. Samen worden er afspraken gemaakt over de leerdoelen en de wijze waarop die gehaald zouden kunnen worden. De dialoog daarover is heel belangrijk, zo ook het elkaar aanspreken op de gemaakte afspraken. De basis bij alles is een goede relatie en interactie. Die is er niet altijd vanzelf. Vandaar dat we in het jaarprogramma een aantal ontmoetingsmomenten vaststellen.

In de eerste week van het schooljaar worden in het eerste leerjaar van de initiatiefklas op school de startgesprekken tussen leerling, ouder(s)/verzorgers en mentor gehouden. Van dit gesprek wordt een verslag gemaakt dat wordt opgenomen in het OPP (ontwikkelings perspectief plan). Dit OPP wordt door school en ouder(s)/verzorgers ondertekend.

Het schooljaar kent vier periodes. Op het einde van elke periode vindt er tussen leerling, ouder(s)/verzorger(s) een voortgangsgesprek over de leerdoelen en de algemene ontwikkeling plaats. Dit kan betekenen dat het handelingsdeel van het OPP wordt aangepast.

Naast de vooruit geplande contactmomenten zullen er in de loop van het jaar de nodige contacten zijn. In alle genoemde contacten staat de ontwikkeling van uw zoon/dochter centraal. Het gaat erom dat hij/zij goed gemotiveerd is en blijft en dat hij/zij haar mogelijkheden (talenten) zo goed mogelijk kan ontplooien.

Voor eventuele vragen kunt u bij dhr. Van Grootel terecht: r.vangrootel@stichtinglvo.nl.

 

Philips van Horne

Samen creatief!